
Informatie over de
Staffordshire Bullterrier

Volgens oude kronieken is de Staffordshire bullterriėr in de 17e eeuw ontstaan. Lange tijd heeft men toen niet meer over het ras gehoord, totdat het omstreeks 1935 weer bekendheid kreeg en binnen korte tijd in Engeland aardig populair werd. Ook hier waren het de bulldog en de oude witte Engelse terrier, die tot zijn voorouders behoorden. Het was de wens om een hond te verkrijgen met meer voorsnuit en sterke kaken en vooral meer behendigheid, nodig voor de bloedige gevechten met stieren, beren, enz. Vooral in hoofd verschilt het ras veel van de bullterrier en zoals Jack Barnard het zo aardig in Dog World zegt, is de vorm van de bullekop lang en wigvormig met een enigszins Romeinse neus en staande oren, terwijl die van de Staffordshire peervormig is en de vorm heeft van de ouderwetse kolenschop, met geweldige gespierde wangen en een flinke stop, terwijl de oren niet mogen staan of liggen. Het zogenaamde rozenoor of tipoor is voorgeschreven.




Dutch kenstaff hondjes.
Ofschoon oorspronkelijk de bloedige hondengevechten in het mijnengebied van Staffordshire gehouden werden, was deze weerzinwekkende sport ook elders zeer populair. Ook Londen was vaak het middelpunt van hondengevechten, ja zelfs tot voor kort voor de eerste Wereldoorlog. De tegenkanting die deze sport echter al spoedig kreeg, was oorzaak dat de zogenaamde "pits" gebruikt werden voor het loslaten van ratten, om deze in zo kort mogelijke tijd door een Staffordshire te laten afmaken. En als iedere terriėr, is ook hij een behendige en geweldige rattenvanger. Het doel waarvoor hij gefokt werd en zijn uiterlijk en vechtlust maakten hem bij het betere publiek niet erg populair, zodat het ras in handen bleef van de mijnwerkers. Het was niet voor 1935, dat de Staffordshire meer algemene bekendheid kreeg en door de Kennel Club werd geregistreerd. De reden dat dit zo laat gebeurde was dat de Staffordshire meer dan de bullterriėr uitsluitend als vechthond werd gehouden. Met rasse schreden ging hij een vooraanstaande plaats innemen op de tentoonstellingen niet alleen, maar ook als huishond zag men hem graag wegens zijn rustige karakter en grote waakzaamheid.
![]()
In Amerika staat het ras bekend als Staffordshire Terriėr; vroeger ook wel American Bullterriėr, Yankee terriėr en Pit Bullterriėr genoemd. De Amerikaanse Staffordshire verschilt over het geheel nogal van zijn Engelse rasgenoot, daar hij in het land van Uncle Sam meer naar het type van de bullterriėr gaat. Ook is hij zwaarder in gewicht. In de kleur is nogal wat variatie, maar black-and-tan en leverkleur zijn niet gewenst
Raspunten van de Staffordshire Bullterriėr
Kenmerken: Uit de vroege geschiedenis van de Staffordshire Bullterriėr erfde de moderne hond zijn aard, weergaloze moed, grote intelligentie en vasthoudendheid. Dit alles gepaard aan zijn aanhankelijkheid voor zijn vrienden en vooral kinderen, zijn rustige aard als hij niet in actie is en betrouwbare standvastigheid, maken hem tot een hond, geschikt voor ieder doel.

Algemene verschijning: De Staffordshire Bullterriėr is gladharig. Voor zijn maat moet hij veel kracht bezitten en ofschoon gespierd, moet hij levendig en behendig zijn.
Hoofd en schedel: Kort, over het geheel diep, brede schedel, zeer ontwikkelde wangspieren, uitgesproken stop, korte voorsnuit, zwarte neus.
Ogen: Bij voorkeur donker, maar zij mogen enigszins de kleur van de vacht benaderen. Rond, van middelmatige grootte en zo geplaatst, dat zij recht naar voren kijken.
Oren: Rozenoor of half staand en niet groot. Een hangend of geheel staand oor is verwerpelijk.
Mond: Schaargebit (de snijtanden van de onderkaak moeten tegen de binnenkant van de snijtanden van de bovenkaak aansluiten) en de lippen moeten strak en gesloten zijn. Sterk onder voorbijten of boven voorbijten zijn grove fouten.
Hals: Gespierd, tamelijk kort, droog en geleidelijk breder wordend naar de schouders.
Voorhand: Benen recht en sterk geknookt, tamelijk wijd van elkaar staand; de voorhand mag geen losheid in de schouders of zwakte in de pols tonen. Van dit laatste punt staan de voeten een weinig naar buiten gedraaid.
Lichaam: Het lichaam moet compact zijn met een rechte ruglijn, breed front, diepe borstkas, goed gewelfde ribbenpartij en tamelijk licht in de lendenen.
Achterhand: De achterbenen moeten goed gespierd zijn; de sprong laag en goed gehoekt, met goed gebogen knieėn. Van achteren gezien, moeten de benen evenwijdig staan.
Voeten: De voeten moeten van goede eeltkussens zijn voorzien, sterk en middelmatig groot zijn.
Staart: De staart moet matig van lengte zijn, laag aangezet, in een punt uitlopen en tamelijk laag worden gedragen. Hij mag niet te veel krullen en kan vergeleken worden met een ouderwetse pompslinger.
Beharing: Glad, kort en vlak aan het lichaam liggend.
Kleur: Rood, roodachtig, wit, zwart of blauw of een van deze kleuren met wit. Een schakering van gestroomd (brindle) of een schakering van gestroomd met wit. Zwart en tan (black-and-tan) of leverkleur zijn niet gewenst.
Maat en gewicht: Het gewicht voor reuen van 28 tot 38 Eng. ponden (12,7 - 17 kg). Teven van 24 tot 34 Eng. ponden (10,8 - 15,4 kg). Schofthoogte 14 - 16 inches (35,5 - 40,6 cm): deze maten in verhouding tot het gewicht van de hond.
Fouten: Te diskwalificeren naar mate de ernst van de fouten: lichte of rose omrande ogen. Staart te lang of te veel gekruld; geen goede verhouding tussen hoogte en gewicht. Hangende of staande oren. Onder voorbijten of boven voorbijten. De volgende fouten moeten de hond uitsluiten van het winnen van prijzen: rose of gevlekte neus, in sterke mate onder- of boven voorbijten (Onder voorbijten, wanneer de onderkaak zoveel langer is, dat de voorkant van de snijtanden van de onderkaak niet die van de bovenkaak aan de achterkant raken. Boven voorbijten wanneer de bovenkaak zoveel langer is, dat de achterkant van de snijtanden van de bovenkaak die van de onderkaak aan de voorkant niet raken)

Copyright © Dutch Kenstaff Staffordshire Bull Terrier ® Alle rechten voorbehouden