Epilepsie  

Informatie voor eigenaren van honden die epilepsie hebben.

Uw hond heeft epilepsie, zeker als u niet bekend bent met het beeld van toevallen is het vooral met de eerste keer een angstaanjagende gebeurtenis en levert het veel vragen op: hoe kan dit of hoe komt het?  En is er wat aan te doen?  En kan de hond er oud mee worden? etc. De informatie die ik u hierbij geef heeft betrekking op de gemiddelde hond met epilepsie. Aangezien er veel variatie bestaat tussen verschillende vormen van epilepsie. Aangezien er veel variatie bestaat tussen verschillende vormen van epilepsie is het goed mogelijk dat u hond niet precies past bij de beschrijvingen. Neem altijd contact op met u dierenarts .

 

 

Wat is Epilepsie ? ? ?

Epilepsie is het herhaald optreden van toevallen en komt voor bij mensen, honden en, in veel mindere mate, bij katten. Bij de mens wordt epilepsie ook wel vallende ziekte genoemd. Andere gebruikte termen in dit verband zijn: toevallen, convulsief,, epileptiforme aanvallen,etc. Epilepsie is een van de meest voorkomende aandoeningen bij de hond en komt voor bij alle rassen en kruisingen.            

 

 

   

Bij een toeval is er spraken van een kortdurende stroring in het functioneren van de hersenen. De functie van een of meerdere hersenencellen is dan ook ontregeld. Hierdoor kunnen deze hersencellen willekeurig elektrische signalen gaan uitzenden die zich door de hersenen verspreiden, en de verschijnselen veroorzaken die bij epilepsie gezien worden. De gestoorde functie van hersencellen kan veroorzaakt worden door een ziekte van de hersenen(b.v. ontsteking). De oorzaak kan ook buiten de hersenen gelegen zijn, maar met nadelige gevolgen voor het functioneren van de hersenen (b.v.Stofwisselingsziekte). Vaak is er geen oorzaak te vinden en spreken we dan ook pas van een echte of primaire epilepsie. De toevallen treden bij herhaling in een zekere regelmaat op. De frequentie van de toevallen is per individu verschillen maar ligt meestal rond de 2 tot 6 weken. Bij honden die epilepsie hebben, kunnen verschillende zaken leiden tot het ontstaan van een toeval.

 

 

 

 

 

 a) De''prikkeldrempel'' voor het ontstaan van toevallen is het laagst bij het begin en einde van de slaap.De toevallen worden dan ook meestal laat in de avond en vroeg in de ochtend gezien.         

b)Van teven is het bekent dat er een grotere gevoeligheid kan bestaan voor het ontstaan van toevallen rond de loopsheid.          

c) Bepaalde medicijnen verlagen de prikkeldrempel voor toevallen. Dit zijn o.a. stoffen die gebruikt worden om de hond wat suf te maken voor de algehele narcose. Sommige medicijnen tegen reis of wagenziekte kunnen, bij de honden met epilepsie toevallen  opwekken.Vermeldt altijd bij een operatieve ingreep dat uw hond, epilepsie heeft, doe dit ook als u uw hond bij een andere dierenarts moet laten behandelen,b.v. op vakantie.                                        

Indeling van de verschillende soorten epilepsie: Bij de mens worden een groot aantal vormen van epilepsie onderscheiden. Bij een hond is dat niet mogelijk en wordt een beperkte indeling gehanteerd. Meestal wordt epilepsie ingedeeld op grond van de oorzaak en de vorm. Betreffende de oorzaak worden twee groepen onderscheiden; toevallen met een oorzaak  en toevallen zonder oorzaak. De laatste categorie wordt echte of primaire epilepsie genoemd. Betreffende de verschijningsvorm wordt onderscheid gemaakt tussen de gedeeltelijk (partiele) toevallen en de algehele  (gegeneraliseerde) toevallen. De gegeneraliseerde epilepsie, ook wel "Grand Mal " genoemd, is het meest voorkomende type epilepsie bij honden.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Voorkomen van primaire epilepsie: De primaire (=zonder aanwijsbare oorzaak) gegeneraliseerde epilepsie komt bij alle rassen voor, ook bij kruisingen. Bij sommige rassen wordt vermoed dat het erfelijk voorkomt. Epilepsie wordt evenveel bij teven als bij reuen gezien. De eerste toevallen beginnen op een leeftijd van 1 tot 5 jaar.   De frequentie van toevallen neemt gedurende de eerste maanden geleidelijk toe en blijft dan min of meer constant. Zonder  behandeling treden de toevallen meestal om de paar weken op.

 

 

 

 

 

Hoe ziet een epileptiform aanval eruit: ?? Een epileptiforme aanval van het gegeneraliseerde type, ook wel Grand Mal genoemd, verloopt in drie fasen, die niet altijd duidelijk van elkaar te onderscheiden zijn. Bovendien is er tussen de honden grote variatie, maar per hond is het verloop van een toeval vrij constant. Het beeld dat hieronder geschetst wordt is een soort gemiddelde. Het stadium voorafgaand aan de toeval (Aura) bestaat uit afwijkend gedrag: onrust, aanhankelijk, naar  buiten willen, rare blik inde ogen, etc. Deze inleidende fase duurt enkele seconde tot uren en zelfs dagen. De eigenlijke toeval (Ictus) begint met bewusteloosheid, omvallen en de hond krijgt krampen van de poten en het gehele lichaam. Na enkele minuten treed een soort verstijving op gevolgd door ontspanning en de hond komt weer bij bewustzijn.    

DE ictus duurt in het algemeen enkele minuten, hoewel dit voor de toeschouwer uren lijken. Of de hond al of niet urine en ontlasting laat lopen is afhankelijk van de aanwezigheid hiervan. De tongbeet, zoals  dit bij de mens kan voorkomen , wordt bij de hond nooit gezien. De ictus wordt gevolgd door de post-ictale fase. Na het bijkomen en overeind krabbelen zijn de meeste honden volledig '' de kluts kwijt''en hebben tijdelijk geheugen verlies, zien slecht en lopen ongecoördineerd. Soms zijn ze erg dorstig en hongerig. De post-ictale fase kan enkele seconden duren tot enkele dagen. Tijdens de Post-ictale fase dient de hond omzichtig behandeld te worden, omdat het dier niet weet waar het is, de eigenaar niet herkent, mogelijk zelfs niet kan ruiken slecht ziet. Onverhoedse benadering kan een verdedigende schrikreactie oproepen.

 

 

 

 

 

 

 

 

Onderzoek van de hond met epilepsie: Wanneer uw hond een toeval  heeft gehad,is het altijd verstandig de hond door een dierenarts te laten onderzoeken. Deze kan eventuele duidelijke afwijkingen  die de toeval veroorzaakt hebben, onderkennen. Wanner er geen  afwijkingen te vinden zijn, of wanner er gedacht wordt aan primaire epilepsie, kan eventueel nader onderzoek verricht worden. Dit kan bij uw eigen dierarts gedaan worden, of de hond kan naar een specialist worden door gewezen. Het maken van een  EEG (elekro encefalogram) is bij de hond niet mogelijk. Het doel van het nader onderzoek is het uitsluiten van bepaalde lichamelijke oorzaken voor epilepsie, zoals bijvoorbeeld,een stofwisselingsziekte. Dit kan gevolgen hebben voor zowel de behandeling als de vooruitzichten van uw hond.

 

 

 

Behandeling van de hond met epilepsie: Moet een hond met epilepsie behandeld worden??Indien de toevallen niet al te vaak voorkomen, b.v. eens in de 6 tot 8 weken is het de vraag of een therapie zin heeft. Schadelijke gevolgen zijn er niet bij een verder gezonde hond. Een behandeling is dan voor de hond niet strik nodig als de frequentie van de toevallen niet erg hoog is en aanvallen niet in series optreden. Een behandeling is pas zinvol als  duidelijk is in welke regelmaat en frequentie de toevallen zich voordoen. Pas dan kan het effect van een behandeling geëvalueerd worden. Een behandeling zal zelden het effect hebben dat de toevallen volledig uitblijven. Meestal kan de periode tussen dagen  met een toeval afnemen. Het instellen van een juiste individuele  dosering vereist veel geduld en inzet van de eigenaar. Bovendien dient een ingestelde behandeling continue en levenslang te worden volgehouden. Samen met de daarmee gepaard gaande kosten, en de vaak tegenvallende resultaten dient men zich goed te realiseren waar men aan begint. 

 

 

 

 

 

 

Het doel van deze behandeling is :

Het vergroten van de tijd tussen twee ( series )  Toevallen.

Het verminderen van de ernst van de toevallen.

Het verminderen van de lengte van de toevallen.

 

Enkele basisregels voor behandeling:

Het effect van een behandeling kan over het algemeen pas na 2 tot 3 weken verwacht worden. Niet zonder overleg met de behandelend dierenarts plotseling stoppen met medicijnen, of van medicijnen wisselen of de dosering wijzigen. Het kan enige tijd duren voordat een goede, voor uw hond geschikte dosering gevonden is. Ook zijn er honden die onvoldoende reageren op de ingestelde behandeling. Er zullen regelmatig aanpassingen nodig zijn (in overleg met uw dierenarts).Veranderingen in het dagelijks patroon of in de omgeving kunnen het optreden van toevallen in de hand werken; bijv. Een autorit van enige duur ( vakantie ), een bezoek aan de dierenarts, afwezigheid of juist terugkeer van de eigenaar. Een hond met epilepsie is gevoeliger voorbepaalde narcosemiddelen; vermeld altijd dat uw hond aan epilepsie lijdt als u hem naar de dierenarts brengt  voor een operatie ( ook een gebitsreiniging  ). Houdt een soort kalender bij waarop u het optreden en de ernst van de toevallen noteert, alsmede bijzonderheden ( b.v. medicijnen vergeten of uitbraakt door ziekte).                                 

 

                 

 

 

WELKE MEDICIJNEN ZIJN BIJ EEN HOND BRUIKBAAR?     Bij de mens wordt een groot aantal verschillende medicijnen met succes gebruikt in de behandeling van epilepsie. Bij de hond zijn echter een beperkt aantal medicijnen bruikbaar. Dit wordt veroorzaakt door de snelle afbraak van de medicijnen bij de hond. Medicijnen die bij de hond gebruikt worden zijn; pheobarbital ( Luminal R ), primidone ( Mysoline R ) en diazepam ( Valium R ,Stesolid R ). Bij het gebruik van bovenstaande medicijnen kunnen enkele bijwerken gezien worden. Phenobarbital en Primidone geven beide vooral in het begin van de therapie vaak sufheid. Bovendien gaan honden door deze medicijnen meer drinken en dus meer plassen en wekt het de eetlust op. Primidone geeft dezelfde bijwerking en kan bij langdurig gebruik leverafwijkingen geven. Enkele medicijnen, die bij de mens worden gebruikt, zijn bij de hond niet of onvoldoende werkzaam: valproinezuur ( Depakine R ) carbamazepine( Tegretol R ), paramethadione, diphenylhydantoine (Diphantoine R, Fenytoine R ). Het geven van deze medicijnen aan de hond moet sterk ontraden worden, uitzonderingen daar gelaten.

                                                         

              

 

             

                      

                  

WAT MOET  U DOEN BIJ EEN EPILEPTIFORME AANVAL ?  Kort samengevat is het antwoord op deze vraag: doe niets ! Blijf zelf rustig en raak niet in paniek. Probeer de aanval niet tegen te gaan, maar voorkom dat de hond zich tijdens de aanval verwondt. Sommige eigenaren verklaren dat de hond agressief gedrag vertoont tijdens een aanval, dit is meestal een gevolg van het feit dat ze de hond proberen vast te houden tijdens een aanval. De hond maakt volkomen willekeurige bewegingen waarvan hij zich niet bewust is. Als de hond met zijn kop schudt en met de bek klappert, en de eigenaar doet op zo,n moment een poging om de hond bij de kop te pakken, dan kan hij door de hond "gebeten" worden. Het in de bek ingeven van medicijnen tijdens een aanval is dan ook gevaarlijk en heeft bovendien geen enkele zin.

 

 

STATUS EPILEPTICUS : Epilepsie is op zich beslist geen       levensbedreigende situatie. Uw hond kan er net zo oud mee worden als een niet - epileptische hond, Wel moet iedere eigenaar van een hond met epilepsie op de hoogte zijn van het bestaan van de zgn, status epilepticus. De status epilepticus kan het best omschreven worden als "een uit de hand gelopen toeval". In plaats van een toeval van enkele minuten tot een kwartier ligt de hond een half uur tot een uur in een toestand van voortdurende krampen, soms met slechts heel even rust. Deze toestand is levensbedreigend omdat er zuurstof gebrek in de hersenen kan optreden en de lichaamstemperatuur op kan lopen. Een status epilepticus dient door de dierenarts gestopt te worden.

 

 

 

 

In principe kan geadviseerd worden dat u moet bellen als een toeval 15 minuten aanhoudt ( zonder onderbreking ) of als er over een langere tijd meerdere toevallen elkaar snel opvolgen zonder dat er een duidelijke rustfase optreedt. In geval van twijfel kunt u beter te vroeg dan te laat uw dierarts bellen. Indien uw hond toevallen in series krijgt en reeds eerder een status epilepticus heeft gehad, kunt u het beste bij uw dierarts vragen om valium zetpillen, die rectaal ingebracht kunnen worden in noodgevallen. Ook is het mogelijk valium als vloeistof rectaal in te brengen. Overleg dit met uw dierenarts. Ten slotte: zorg dat u, als u op vakantie gaat, de juiste naam en dosering van de medicijnen in het paspoort van uw hond heeft staan. Vraag evt. zetpillen valium aan uw dierenarts om mee te nemen. En tenslotte moet u altijd vermelden dat uw hond epilepsie heeft bij bezoek aan een andere dan uw eigen dierenarts.

                        

Hond met "Grand Mal"aanval ongecontroleerde bewegingen en loop bewegingen.

 

 

 

 

 

 

 

Therapeutisch kan tegenwoordig het humane middel Fenytoine worden gebruikt. Er is voor honden een variant ontwikkeld die goed kan werken (Epitard). Daar moet echter bij gezegd worden dat het wel nog altijd nummer twee is, na Fenobarbital! maar als een d'arts Fenytoine wil voorschrijven dan is dit zeker niet meer fout tegenwoordig.

Wil graag Sacto lens bedanken dat hij mij op dit laatste interessante stukje van (Epitard) attent heeft gemaakt.

(Student diergeneeskunde) 


 

 

 

 

  

 

 

Copyright ©   Dutch Kenstaff Staffordshire Bull Terriër  ® Alle rechten voorbehouden.